|
Johanna, Antoniella en Maria zijn
drie beeldschone hiv-positieven uit Midden- en Zuid-Amerika. Op het eerste
gezicht zien maar weinig mensen dat zij eigenlijk geboren zijn als man. We
zien het aantal transgenders dat naar Nederland komt rap groeien. De
meeste komen in de (straat-) prostitutie terecht. Transgenders blijken
meer risico te lopen op hiv-infectie dan vrouwelijke prostituees. Ik sprak
telefonisch met Jos Megens, coördinator in het VU-ziekenhuis van het
Genderteam, afdeling Andrologie en met Paul Vennix, die pas geleden een
brief mede schreef naar de kamerleden om aandacht te vragen voor de
positie van transgender prostituees.
De klanten van transgender prostituees
vormen een bijzondere risicogroep, waar, wat hiv-preventie betreft,
bijzondere aandacht aan moet worden besteed. Kort geleden presenteerde
Paul Vennix van het NISSO (Nederlands Instituut voor Sociaal Seksuologisch
Onderzoek) een onderzoek naar de hiv-preventie, het seksuele gedrag en de
seksuele netwerken van klanten van transgender prostituees (travestieten,
transgenderisten en transseksuelen) op tippelzones. Veel klanten zijn op
relatief jonge leeftijd begonnen met prostitutiebezoek. Pas sinds een
aantal jaren is transgenderprostitutie een algemeen verschijnsel op de
tippelzones in Nederland, vandaar dat de eerste seksuele contacten met
transgenders meestal van vrij recente datum zijn. Eén groep klanten blijkt
doelbewust te hebben gekozen voor transgender prostituees (‘nieuw’,
‘kinky’ of als ‘experiment’). De andere groep kwam er pas tijdens de seks
(of daarna) achter dat de prostituee transgender was, en de ervaring
beviel goed. De meeste klanten vallen eigenlijk op vrouwen en hebben vaak
een vrouwelijke partner. Velen bezoeken transgenders omdat ze naar hun
zeggen vrouwelijker zijn, spannender, deskundiger en gemotiveerder terwijl
over anale seks bij hen niet hoeft te worden onderhandeld: dat is
vanzelfsprekend. Het schijnt deze klanten weinig uit te maken of ze de ene
keer een mannelijke en de andere keer een vrouwelijke prostituee bezoeken.
De klanten van transgenders hebben aanzienlijk vaker losse seksuele
contacten dan andere bezoekers van de tippelzone. De meeste klanten
gebruiken consequent een condoom bij betaalde seks, terwijl sommigen door
gebrek aan zelfbeheersing en/of vaardigheid er niet in slagen een condoom
te gebruiken en anderen de prostituee als veilig inschatten. Vrij veel
klanten schijnen te denken dat prostituees op hiv worden getest en niet
langer op de tippelzone mogen werken als ze hiv-geïnfecteerd blijken. Bij
overige (onbetaalde) losse contacten schatten zij de kans op hiv-
overdracht lager in en hebben dan vaker onbeschermde seks, terwijl ze met
de vaste partner thuis nooit condooms gebruiken. Per 1 oktober 2000 is de positie van
transgender prostituees in Nederland verslechterd, ten gevolge van de
nieuwe Wet Identificatieplicht Prostituees. De meeste transgenders komen
namelijk uit Midden- en Zuid-Amerika of Oost-Europa terwijl alleen
EU-onderdanen nog in Nederland als prostituee mogen werken. Aan hen een
verblijfstatus verlenen om humanitaire redenen lijkt volgens het onderzoek
gerechtvaardigd, omdat het huidige beleid strijdig is met de Universele
Verklaring van de Rechten van de Mens en daarnaast hiv-preventie belemmert.
De kans bestaat dat transgenders van buiten de EU zich door een
opjaagbeleid gaan verspreiden en zelfs ‘ondergronds’ zullen gaan. Daardoor
zullen zij nog moeilijker bereikbaar zijn voor voorlichting en preventie
en bestaat de kans dat zij zich nog minder zullen beschermen tegen
hiv-overdracht. Paul Vennix: “Voor het onderzoek hebben we slechts acht
transgenders geïnterviewd en niet naar de hiv-status gevraagd. Het
onderzoek ging eigenlijk om hun klanten, de prostituanten. Wel heb ik naar
aanleiding van de uitkomsten met medeonderzoeker Lucie van Mens een brief
geschreven naar de kamerleden om aandacht te vragen voor de positie van
transgender prostituees”.
- In het buitenland:
Illegaliteit Antoniella, 24 jaar: “Ik ben pas zes
maanden in Nederland en werk in de prostitutie. Ook ik slik hormonen, maar
omdat ik nog geen verblijfsvergunning heb, slik ik ze illegaal. Ze worden
geïmporteerd vanuit België of Ecuador. In Ecuador ging ik haast nooit naar
de dokter, maar een maand geleden besloot ik hier in Nederland me te laten
testen op hiv. Gewoon omdat ik zeker wilde weten dat ik het virus niet heb.
De positieve uitslag verraste me helemaal. Ik denk dat ik in Ecuador al
geïnfecteerd ben geraakt. Vanuit de GGD in de tippelzone stuurden ze me
door naar het AMC. Daar wilden ze me eerst niet helpen omdat mijn papieren
niet in orde zijn. Uiteindelijk moesten ze me wel zien. Bij de tweede
afspraak hebben ze me alleen co-trimoxazol meegegeven, om een
longontsteking te voorkomen en er werd een foto van mijn longen gemaakt.
Die kreeg ik dan wel gratis mee voor de eerste keer. In het begin nam ik
een tablet in voor ik ging werken, maar dan werd ik duizelig en moest ik
overgeven. Toen nam ik ze in voor het slapen gaan, maar ik kon er niet
meer door slapen. Nu neem ik ze voor de maaltijd en gaat het iets beter.
Wel jeukt mijn huid erg en heb ik een opgeblazen gevoel”. Johanna: “Omdat Antoniella noch
Nederlands noch Engels spreekt, heeft ze weinig of misschien verkeerd
begrepen van wat haar werd verteld in het ziekenhuis. Het lijkt erop dat
ze er slecht voor staat met haar CD4-aantal, en hoe zit het met haar viral
load? Ze zou nu nog niet met medicijnen hoeven te beginnen, wel was de
prijs genoemd van meer dan drieduizend gulden per maand als ze zou
beginnen. Zelfs een leek weet dat co-trimoxazol alleen meegegeven wordt
als het CD4-aantal onder de 200 zit. En in Nederland wordt aan iedereen
met minder dan 350 CD4-cellen, de combinatietherapie aangeraden. Als
vrijwilligster voor SidáVida zie ik vrij veel transseksuelen met hiv. Zo
heb ik Antoniella net leren kennen. Het is onze taak om haar te helpen
erachter te komen wat haar bloedbeeld is, hoe haar gezondheid is. En
waarom het sociaal werk haar heeft aangeraden om een advocaat in de arm te
nemen. Haar verhaal is shockerend omdat ze haar verblijfspapieren nog niet
rond heeft en daardoor geen combinatietherapie krijgt, terwijl ze naast
co-trimoxazol ook hiv-remmers nodig heeft”. Antoniella: “Ik wil graag in
Nederland blijven werken en in de vakantie naar Ecuador gaan. Als het
mogelijk is wil ik een verblijfsvergunning aanvragen. In Ecuador heb ik al
helemaal geen mogelijkheid om medicijnen te gaan gebruiken, daar ga je
heel snel dood aan hiv”. Antoniella: “Het gebeurt regelmatig
dat ik als een vrouw word aangezien door heteromannen. Ik heb ze dan
gepijpt als ze me vanonder zien. Velen schrikken en willen hun geld terug,
terwijl ik al half werk heb verricht. Soms pakken ze mijn portemonnee met
alles erin, anderen slaan. Of ze zetten me uit de auto terwijl we 15 km
verder zijn gereden. Dan moet ik wel terug zien te komen! Voorlopig blijf
ik werken in de straatprostitutie en gebruik altijd een condoom. Ik hoop
in Nederland een verblijfsvergunning te krijgen, maar als dat niet lukt,
hoop ik dat ik een soort bescherming kan krijgen van de overheid”.
Johanna: “Als je opgepakt wordt door de politie, moet je meteen zeggen dat
je geïnfecteerd bent, dan mogen ze je niet het land uitzetten.
Transseksuelen hoeven zich niet te schamen en met hiv kun je leren leven.
Wij (SidáVida) gaan je helpen!” Bron: Hivnieuws 73 - november/december 2001 |
||