'Je wordt er een echte man van hoor, van dat transseksuele gedoe.'

Het toneelstuk 'White Star' is gebaseerd op het bizarre leven van Vanessa - de actrice die 56 jaar geleden werd geboren als Raoul. Ze danste op menig erotisch podium in Europa en speelde bij theatermaker Alain Platel een memorabele moederrol.



'In het algemeen ben ik, vrees ik, moeilijk te casten.' Het Grand Theatre in Groningen, opgetrokken uit grauw baksteen, ligt aan de Grote Markt, ingeklemd tussen grillrestaurant Bronco en de Febo. Het is vier uur in de middag en de acteurs van de voorstelling White Star van de Vlaamse groep Victoria verzamelen zich voor een korte repetitie. Dansers, zangers, acteurs, een klein jongetje, en Wim, een jongeman met het syndroom van Down. Het is een groep jonge honden waartussen de verschijning van Vanessa Van Durme (56, artiestennaam Vanessa) opmerkelijk is: een struise vrouw, geserreerd chique gekleed - hoge laarzen, zwarte kousen, rok van grijze tweed, zwart jasje. Met de allure van iemand die het theater eigen is, vindt ze de weg naar de kleedkamer die hier niet meer is dan een uit de kluiten gewassen bezemkast. White Star is een voorstelling over de pijn van mensen in de kantlijn van het leven. Over onvervuld verlangen in een vijandige wereld, over op zoek zijn naar een identiteit. Over leven in een verkeerd lichaam, dus ook over Vanessa Van Durme zelf. Want 56 jaar geleden werd zij in een Gents arbeidersgezin geboren als Raoul Van Durme. Dat jongetje trok op zijn vijfde jaar een jurk aan om te dansen voor zijn moeder. Dat jongetje wilde maar één ding: een meisje zijn. Twintig jaar later werd Raoul een meisje; in een kliniek in Casablanca onderging hij een geslachtsoperatie. Vanessa werd een feit.

'Als kind al trok ik de kleren van mijn zusje aan. Je voelt die onrust, maar je kunt het niet benoemen. Je weet dat het niet snor zit, die lul is er wel, maar je wilt dat ding niet - weg ermee, die hoort niet bij mij. Nee, daar werd niet over gesproken. Er werd in die tijd over niets gesproken.' Dansen, het circus, aan de trapeze hangen, dat was de wereld waarvan Raoul droomde. Hij wilde danser worden of acrobaat, maar zijn ouders wisten niet eens dat er een balletschool bestond. Uiteindelijk naar de toneelschool in Gent. 'Ik heb die school niet afgemaakt, want het was eigenlijk mijn ding niet. Ik dacht: mooi hoor, Shakespeare en Molière en zo, maar zo praten de mensen tegenwoordig toch niet. In de balkonscène uit Romeo en Julia wil Romeo toch eigenlijk maar één ding zeggen: Kom naar beneden jij, ik heb een stijve van jou, ik ga je rammen, slet! Daar kwam bij dat ik in die tijd al veel te onrustig was, ik was niet wie ik was - dat speelde ook een rol.' Toch werd hij op de toneelschool 'ontdekt' en speelde een paar jaar bij diverse groepen. Totdat het niet meer ging in dat mannenlichaam. Hij vertrok naar Amsterdam, dook onder in de hippie-scene , vond daar een dokter die hem hormooninjecties gaf, en werd uiteindelijk in Casablanca geopereerd.

'Nu word je bij zo'n operatie voortdurend begeleid, er zijn psychiaters en cursussen, alles wordt betaald. In mijn tijd was daar geen sprake van. Na een week stond ik weer op het vliegveld van Brussel, ik had een lange broek aan en het bloed stond tot aan mijn knieën. Als dat allemaal achter de rug is, denk je dat alle deuren voor je open gaan, maar dat is niet zo. Ze sluiten zich juist. Ik heb heel veel gevallen van zelfmoord onder lotgenoten meegemaakt. Je kunt alleen maar overleven door een grote discipline. Jezelf niet laten verdrukken, altijd je voet tussen de deur, altijd zeggen: ik eis mijn plaats op in de maatschappij. Je wordt er een echte man van hoor, van dat transseksuele gedoe.' Tien jaar werkte ze als stripteaseuse in revues. 'Ik heb in de grote Europese huizen gestaan: het Casino van Venetië, de Moulin Rouge in Torino, de Battacan in Genève - ja, ik heb mijn bustehouder op menig erotisch podium achtergelaten. Ach kind, ik had zo'n mooi lijf toen.' Uiteindelijk trouwde Vanessa met een Nederlandse man, ze zei het theater vaarwel en samen begonnen ze een antiekzaak in Gent. Zestien jaar heeft dat huwelijk geduurd, toen was het op. Langzaamaan pakte ze haar oude vak weer op: komediespelen, teksten schrijven, scenario's voor tv-comedy's. Totdat op een dag de telefoon ging. Alain Platel aan de lijn, de Vlaamse theatermaker wiens voorstellingen tot de internationale top behoren. 'Bent u vrij?' vroeg hij haar, 'wilt u bij mij spelen?' . Het contact leidde tot de memorabele moederrol die zij vertolkte in Allemaal Indiaan, Platels voorstelling die over de hele wereld, onder meer in het Holland Festival, te zien was. Daarna vroeg hij haar na te denken over een voorstelling over haar eigen leven. Ze had net het boek Ik ben mijn eigen vrouw van Charlotte von Mahlsdorf gelezen - over de lotgevallen van een Duitse transseksueel - en zag daarin raakvlakken met haar eigen leven. Met regisseur Lies Pauwels van Victoria, nauw verbonden met Platel, sprak ze daar uitvoerig over en uiteindelijk resulteerde dat in White Star.

Uit de speakers in het Grand Theatre klinkt keihard de muziek van Tsjaikovski's Zwanenmeer. Voordat ze op moet, nevelt Vanessa nog even wat parfum om zich heen - 'Guerlain, schatje, altijd Guerlain'. Gekleed in een ouderwets badpak verbeeldt ze vervolgens met sierlijke balletbewegingen de stervende zwaan. 'Guck mal Mutti, ich bin ein Schmetterling', zegt ze - alsof ze weer het jongetje is dat voor haar moeder danst. Even later is ze de oudere vrouw: 'Guck mal Mutti, ich bin ein Clown!' In een andere scène wordt heftig geplaybackt op Christina Aguilera's pathetische ballad Beautiful ('You are beautiful, no matter what they say'). Vanessa, met grijze pruik, staat hand in hand met het jongetje dat een blonde pruik op heeft en een jurkje aan - het verloop van een bizar leven in n raak beeld samengevat. Het zijn sterke, emotionerende scenes die er flink inhakken. In deze productie vechten negen mensen voor een plek in een wereld die hen niet welgevallig is. Vanessa: 'Het idee dat het een documentaire over mijn eigen leven zou worden, hebben we al snel losgelaten. In de improvisaties heeft iedereen nu een deeltje van het verhaal opgepikt en daar iets geheel eigens van gemaakt. In het begin waren de repetities pijnlijk omdat er zoveel dingen van vroeger naar boven kwamen. Het was bijna een vorm van therapie.'

Regisseur Lies Pauwels heeft Vanessa's levensverhaal weten om te buigen tot universeel theater over anders zijn. White Star is onvervalst Vlaams montagetheater, zonder vast verhaal, puttend uit de popmuziek, klassieke muziek, moderne dans, videoclips en de populaire cultuur. Uitbundig, maar ook ernstig. Of zoals Pauwels zegt: 'Het is een doorgeefluik van ellende geworden.' Met Allemaal Indiaan heeft ze in alle grote kunsttheaters van Europa gestaan: Salzburg, Parijs, Avignon, Amsterdam. Nu kan ze haar kont nauwelijks keren in een kleedkamer in Groningen. Maar voor haar is een podium een podium - of je nu in een nachtclub je benen de lucht in gooit of in Avignon hoge kunst maakt. 'Vroeger moest ik op de juiste manier de kleren van mijn lijf rukken, anders had ik geen werk. Nu moet ik een toneelrol zo goed mogelijk spelen, anders vragen ze me niet. In het algemeen ben ik, vrees ik, moeilijk te casten. Alain zag daar doorheen: "Jij bent geen buitenaards wezen, in mijn voorstelling ben jij gewoon een moeder van vier kinderen". Er zijn er maar weinig die dat durven.'

Als Vanessa Van Durme door Groningen loopt, loopt daar ogenschijnlijk 1.81 meter vrouwelijke zelfverzekerdheid. 'Meestal word ik wel nagekeken, hoewel het hier meevalt - in Groningen zijn alle vrouwen groot. Het is vooral de klank van mijn stem die opvalt. Toen ik net vrouw was, droeg ik jurken met pailletten, helemaal over de top natuurlijk, too much woman. Maar dat gaat voorbij, nu draag ik zwarte kousen, sober, echt een lady van het toneel. Voor nare opmerkingen ben ik ongevoelig geworden. Ach, denk ik dan, uit een olievat kun je geen wijn tappen.' Op tournee met Victoria, iedere week een eigen radioprogramma, teksten schrijven, auteur van het succesvolle toneelstuk Salon Brigitte (over het leven in een Vlaamse kapsalon) en sinds dit jaar is ze ook de bezitter van een fraai landhuis in Zuid-Frankrijk waar zij kamers verhuurd. Maar haar grote project moet nog komen: een theatermonoloog over haar eigen leven. Binnenkort geeft ze voor een kleine kring intimi een eerste lezing. Titel: De Kunstkutmonoloog. Ondertitel: En mijn vagina dan? - een verwijzing naar de populaire Vagina Monologen. 'Het zal over mijn hele leven gaan, van geboorte tot dood, hoewel die datum nog niet vast ligt. Het wordt brullen van het lachen, met tegen het eind een bittere toon. Het is stand-up comedy, met niets anders dan een barkruk en een microfoon. Zelf schrijven, zelf produceren en zelf spelen - ja, ik ben een handig meisje. Hopelijk kom ik ook naar Nederland. Ik zal Joop van den Ende eens bellen, dat hij er een musical van maakt en drie maanden Carr afhuurt.' In het Grand Theatre in Groningen is het publiek bij White Star aandachtig en geroerd. Na afloop zegt Vanessa haar collega's in de foyer gedag en vertrekt. Het is half elf en ze wil in de stad nog even een hapje eten. Resoluut stapt ze nachtelijk Groningen in, waar brallerige studenten en opgeschoten jeugd de sfeer bepalen. Nadat ze in twee restaurants is weggestuurd, vindt ze uiteindelijk een Chinees die tot één uur open is. In haar eentje verdwijnt ze achter een bord noedels. 'Ja schat, het is lonely at the top, ook in Groningen.'


Bron: Volkskrant, 21 oktober 2004
Door Hein Janssen

Terug naar index