Een jongeman ombouwen tot vrouw? Wees heel voorzichtig, waarschuwt psychiater Joost à Campo. Opnieuw laait de discussie op over de wenselijkheid van geslachtsverandering.

Meisje van 12 begint borsten te krijgen en wordt zielsongelukkig. Ze voelt zich een vreemde in haar eigen lijf. Net als die jongen van 13 met de baard in de keel. Pubers in psychische nood, en niet zo'n beetje. Het genderteam van de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam stelt met een hormoontherapie die puberteit uit, vaak als voorbereiding op een operatie die van de jongeman een vrouw maakt, of andersom.

Al sinds 1987 biedt de VU jongeren vanaf 12 jaar deze therapie aan. Groot was de commotie toen dit in 1999 bekend werd. Schande, riepen de tegenstanders. "Misbruik van de geneeskunde", oordeelde ethica Heleen Dupuis. Hoe kun je zo vroeg al zulke grote ingrepen voorbereiden? Voor spijtoptanten is er geen weg terug en is de kans op missers niet levensgroot aanwezig? Maar de storm luwde en de praktijk in Amsterdam ging gewoon door. Sinds 1987 hebben zich bij de VU 150 pubers gemeld, van wie er zo'n 6o via een operatie tot een mens van de andere sekse zijn omgebouwd.

Deze week gooide de psychiater/onderzoeker Joost à Campo de knuppel weer in het hoenderhok. Hij roept hulpverleners op tot grote voorzichtigheid. Want de wens om een geslachtsverandering te ondergaan, is vaak symptoom van een andere psychiatrische aandoening. En die is te behandelen met psychotherapie of medicijnen, in elk geval zonder ingrijpende operatie.

"Ik wil absoluut niet doen aan stemmingmakerij", benadrukt A Campo. Maar ik wil wel mijn bezorgdheid kenbaar maken. in een aantal gevallen blijkt de wens om het uiterlijk te veranderen - en een geslachtsverandering is daarvan de ultieme vorm - een voorteken van met name schizofrenie. Hoe groot is de kans dat je iemand dan abusievelijk behandelt?"

De psychiater, werkzaam bij de Mondriaan Zorggroep in Heerlen, baseert zijn bezorgdheid op ervaringen uit eigen praktijk en een enquête onder ruim 380 Nederlandse psychiaters. Hun overtuiging is dat de wens om van geslacht te veranderen bij ongeveer de helft van de patiënten voortkomt uit een andere psychiatrische ziekte. „Dan praat je over enkele honderden patiënten", zegt A Campo, die zijn bevindingen volgende maand publiceert in het vakblad American Journal of Psychiatry. Hij pleit voor meer zorgvuldigheid en terughoudendheid. A Campo en veel van zijn collega's vinden dat een patiënt meerderjarig moet zijn voordat hij/zij begint aan een ingrijpend traject van geslachtsverandering. Bovendien vindt hij dat er een onafhankelijke adviesraad moet komen die aanvragen beoordeelt. A Campo is bevreesd dat psychiatrische patiënten ten onrechte worden behandeld door het genderteam en in hun nieuwe lichaam nog niet gelukkig zijn. „Die mensen krijgen wij dan alsnog in onze praktijk."

Hoe haalt ie het in zijn hoofd? Woest is seksuoloog Petra Klene, manager transseksualiteit bij Humanitas. Zij vindt dat A Campo "duidelijk onvoldoende ervaring en verstand heeft van transseksualiteit." Ze heeft zelf in zo jaar ongeveer 1500 transseksuelen een geslachtsverandering zien ondergaan. "Van diep ongelukkige, vaak suïcidale mensen is het overgrote deel veel gelukkiger dan voorheen", zegt ze.

Boos zijn ze ook bij de zelfhulpgroep Berdache. "Wat meneer A Campo zegt, is vergelijkbaar met hoe men 30 jaar geleden dacht over homoseksualiteit", zegt Els Schijf. „Het was een ziekte, die met therapie wel te genezen was." Bij Berdache zijn 120 ouders aangesloten. Hun zoontjes gedroegen zich als kleuter al als meisje; hun dochters voelen zich van jongsaf echte jongens. Het zijn geen schizofrenen in de dop, daarvan zijn de ouders overtuigd. Schijf „Hungedrag is verder volstrekt natuurlijk, past ook helemaal bij het kind. Het is wel een manier van zijn die behoorlijk ingewikkeld is, zowel voor het kind als de ouders. Mensen verwijten je dat je je kind verkeerd opvoedt of dat je trauma's veroorzaakt.''

Als de puberteit aanbreekt, wordt de psychische nood hoog. Want wat moet dat jongensachtige meisje met die borsten? De kinderen worden zielsongelukkig. Dolblij zijn zij en hun ouders met de hormoontherapie die de VU biedt. De ontwikkeling van jongen tot man, of van meisje tot vrouw, wordt daarmee geremd. "Tot ze weten wie ze zijn en wat ze willen met hun leven", zegt Schijf. Dan pas volgt het besluit om via een operatie van geslacht te veranderen. Of juist niet."

Zo moet het ook blijven, meent Peggy Cohen-Kettenis, hoofd van het genderteam in Amsterdam. Zij haalt de schouders op bij de kritiek van A Campo. "Voor de meeste mensen is de zelfervaring van de transseksueel tot het andere geslacht te behoren niet invoelbaar, en dat geldt ook voor het lijden dat daarmee gepaard gaat."

Het VU-team hielp al ruim 2,500 mannen en vrouwen van geslacht te veranderen. Spijtoptanten zijn er nauwelijks, zegt Cohen. Recent onderzoek - onder 172 volwassen transseksuelen - laat juist zien dat het ongenoegen over het eigen geslacht na zo'n operatie bij de overgrote meerderheid (bijna 99 procent) verdwijnt „En in psychologisch opzicht functioneert men niet veel anders dan de gemiddelde mens."

Waarmee ze kritiek van A Campo pareert Voor hoe lang? Ongetwijfeld laait de discussie vroeg of laat weer op, want rond transseksualiteit hangt anno 2.003 kennelijk nog altijd een soort taboe.

Bron: Algemeen Dagblad, 7 juni 2003
Door: Carl Mureau


Opmerking: Joost à Campo heeft in 2001 eerder geprobeerd om de behandeling van transseksuelen door het Genderteam in diskrediet te brengen. Zie bijvoorbeeld ook het artikel Nicky M/V en het weerwoord van Peggy Cohen-Kettenis hierop. Voor meer reacties op de recente controverse rond A Campo, zie de reacties op Wens sekse-verandering vaak waanidee.

Terug naar index