| |

Nicole
Roukema is een meisje van dertien. Maar twee jaar geleden was ze nog een
jongen en heette ze Niels. Bij hem werd al jong een "genderstoornis"
vastgesteld. Samen met zijn ouders nam hij daarom het ingrijpende besluit
om voortaan als meisje door het leven te gaan. Nicole voelt zich een
meisje en ziet er nu ook uit als een meisje; maar pas als ze achttien is,
wordt ze geopereerd.
"Het was een opluchting voor ons
allemaal, toen we twee jaar geleden de uitslag van het psychologisch
onderzoek van het Universitair Medisch Centrum kregen", vertelt Greet
Roukema, de moeder van Nicole, in de huiskamer van hun Friese woning.
"Eindelijk was er duidelijkheid. Niels is een jongetje, maar voelt zich
een meisje. Nu was er een woord dat paste bij zijn gevoelens:
genderdysforie. Eindelijk erkenning. We konden er nu ook openlijk over
praten. Zelfs mijn man, die altijd voet bij stuk gehouden had dat er met
Niels niks aan de hand was, reageerde gelaten met: "Oké, dan is het maar
zo".
Het hoorde bij hem
Niels is nog klein als Greet al merkt dat hij "anders" is dan haar andere
zoon. "Het was een heel zachtaardig, aanhankelijk kind. Hij vond het een
feest om zich te verkleden. Drie jaar was hij pas, toen hij al speldjes
van zijn grote zus in z’n haar deed en haar rokken aantrok." Ondanks het
leeftijdverschil – zijn zus is acht jaar ouder – spelen ze altijd leuk met
elkaar. Op de kleuterschool is hij in de poppenhoek te vinden. En voor
zijn vijfde verjaardag wil hij niets liever dan een Barbie. "Ik vond het
nooit raar, zocht er ook niets achter. Het hoorde gewoon bij Niels."
Onderzoeken
Als Niels zes is kan hij ineens zijn plas niet meer ophouden. Het begint
met wat "ongelukjes" op school, later ook ’s nachts in bed. Zijn ouders
kijken het een poosje aan, maar omdat het niet overgaat, gaan ze met hem
naar een uroloog. Hij krijgt allerlei onderzoeken, maar lichamelijk
mankeert hij niets. Ze proberen van alles om hem er vanaf te krijgen, maar
het helpt niet.
Als hij acht jaar is krijgt hij een
psychologische test, misschien dat er iets anders aan de hand is. De
uitslag komt als een volslagen verrassing: "Wij vinden dat Niels net zo
goed een meisje had kunnen zijn", aldus de psychologe van het
onderzoeksteam. "Wij denken dat hij iemand wordt die zich later om wil
laten bouwen".
Meisjesachtig
Greet: "Ik schrok me dood. Ik wist niet dat zoiets bestond bij kinderen,
ik had er nog nooit van gehoord. Mijn man vond het flauwekul, geloofde het
niet. We vertelden nog niets aan Niels. Ik begon hem wel te observeren.
Soms dacht ik: "Het valt mee", en dan weer: "Nee, het valt helemaal niet
mee!" Er was een periode waarin hij altijd een rok aantrok als hij uit
school kwam. Zo gauw hij thuis was, ging die rok aan. Tegen de tijd dat
mijn man thuiskwam, trok hij hem dan weer uit. Mijn man vond het maar niks
dat zijn zoon in een rok liep. Op een gegeven moment taalde Niels niet
meer naar die rok. Maar er waren wel andere dingen. Ik lette op de manier
waarop Niels speelde, op zijn houding. Zijn manier van doen, die was zo
meisjesachtig. "Wat moet ik hiermee aan?", dacht ik. Soms werd ik er zelfs
wanhopig van. Ik heb er twee jaar mee rondgelopen, alleen een paar heel
goede vriendinnen heb ik het durven vertellen. Die wisten natuurlijk ook
niet wat ze ermee aan moesten. Maar ze luisterden wel en ik kon zo
tenminste mijn verhaal kwijt."
Herkenning
De ommekeer kwam toen Greet op tv een programma zag over kinderen met
transseksuele gevoelens. "Het was een schok van herkenning. Dat jongetje
op televisie was net als hij, speelde het liefst met vriendinnetjes, had
ook allerlei meisjesdingetjes. Ik realiseerde me dat ik er iets mee moest
doen." Via de organisatie Berdache, een zelfhulpgroep voor ouders van
genderdysfore kinderen, kwam ze in contact met Professor Cohen. Greet
maakte een afspraak. Maar de twijfel bestond nog steeds: "Moet ik dit
Niels wel aandoen?"
Foto’s kijken
Greet
staat even op om koffie bij te schenken. Er komen twee meiden
binnenwaaien. Het zijn Nicole en haar zus Ciska (21). Ze ploffen neer op
de bank. Nicole draagt haar lange blonde haar in een staart. Ze is gekleed
in een spijkerbroek en een wijde sweater; een sportieve meid van dertien,
met een klein beetje oogschaduw op.
Het fotoboek komt op tafel. "Kijk", zegt Nicole, "dit was ik toen ik vier
was". Ze laat een foto zien van een klein blond jongetje. Ciska bladert
verder. Ze begint te lachen. "En hier dan Nicole! Ging je trouwen met
Mimi, de knuffel, en ik voltrok het huwelijk als ambtenaar van de
burgerlijke stand. En hier… in je favoriete blauwe rok.
"Mijn rok!", voegt ze eraan toe. Nicole’s ogen beginnen meteen te
schitteren: "Dat was zo’n mooie rok, als je ronddraaide ging hij helemaal
golven!"
Touwtjespringen
Niels is tien jaar als hij met zijn ouders de eerste afspraak met
Professor Cohen heeft. Greet heeft aan Niels verteld dat het is omdat hij
zo meisjesachtig is en altijd met meisjesspeelgoed speelt. Nicole: "Voor
mij was het heel gewoon. Ik dacht nooit: "Ik ben heel anders dan andere
jongens". "Ik vond het gewoon leuker om met meisjes te spelen en
meisjesspelletjes te doen."
Op school trekt hij vooral op met de
meisjes. In de pauze doet hij mee met touwtjespringen "Niemand vond dat
raar of keek er vreemd van op."
Ciska; "Ik zat op de middelbare school
toen ik na begon te denken over Niels. Er zat een homoseksuele jongen bij
mij in de klas. "Hé, dacht ik. "zoals hij over zichzelf praat, daar herken
ik mijn broertje in." Ook hij had een zachtheid, een lieve manier van zich
gedragen die niet paste bij de meeste andere jongens."
Puzzelstukjes
Er volgt uitgebreid psychologisch onderzoek. Vier keer moet Niels met zijn
ouders terugkomen op de Vrije Universiteit. De uitslag komt als een
bevestiging van het vermoeden. Greet: "Professor Cohen vertelde ons dat
Niels een jongetje was, maar zich eigenlijk een meisje voelde en dat er
meer jongens waren zoals hij." Als ze het Niels vertellen vallen er voor
hem ook stukjes van de puzzel in elkaar.
Nicole: "Ik begon dingen te begrijpen.
Zoals het bedplassen, dat het misschien kwam doordat ik me niet lekker in
mijn vel voelde. Op school was ik heel snel geprikkeld. Ik heb zelfs de
juffrouw een keer uitgescholden. Het was afreageren, denk ik nu. In mijn
achterhoofd had ik het idee: ik kan mezelf niet zijn.
Thuis had ik nergens last van, de vriendinnetjes die ik mee naar huis nam
vonden het helemaal niet gek als ik me verkleedde als meisje, of als er
Barbies op het bed langen. Maar op school had ik het gevoel dat ik me
moest inhouden, dat ze raar zouden opkijken als ik mee zou praten over
meisjesonderwerpen."
Lotgenoten
Na de uitslag gaat het heel snel. Nicole is dan elf. Ze gaan naar een
ontmoetingsdag van de Berdache organisatie. Greet: "Niels keek zin ogen
uit; er waren allemaal kinderen zoals hij." Ciska: "Ik was ook mee en
stond met open mond te kijken. "Oh ja", dacht ik, "dat meisje is dus
eigenlijk een jongen en die jongen is eigenlijk een meisje." De uitslag
was één ding – wat Niels had, kreeg eindelijk een naam – maar nu pas
realiseerde ik me dat daar ook een hele wereld aan vastzat." Tijdens die
dag speelt Niels met andere kinderen, hij maakt contact met een ander
jongetje. De volgende dag gaat hij weer naar school. Als hij thuiskomt,
vertelt hij dat hij zo moest huilen op school. Het hoge woord komt er dan
uit: "Gisteren kon ik helemaal mezelf zijn."
Onbegrip
Niels
wil het nu graag op school vertellen. Hij heeft bedacht dat hij een
spreekbeurt wil houden over zichzelf. De directeur van de school belt
Greet persoonlijk op. Het is verstandig als eerst de ouders van de
kinderen worden ingelicht, zo vindt hij, anders komen de kinderen straks
met de wildste verhalen thuis. Tijdens een ouderavond is het zover. Greet
vertelt het verhaal: "Na afloop was het doodstil. Ik stond met het zweet
in mijn handen. Twee ouders begonnen toen te klappen: "Wat ontzettend
moedig van je dat je dit vertelt", was hun reactie. De volgende dag kwam
een andere moeder me een appeltaart brengen. Ik heb me nooit geschaamd
voor Niels. Onbegrip was het enige waar ik bang voor was. "Als ik het maar
kan vertellen", dacht ik altijd. Of ze het accepteren of niet is hun zaak,
maar dan is het in ieder geval duidelijk."
Om deze reden schrijft ze ook een brief die in het kerkblad wordt
afgedrukt. Ze krijgen aardige reacties. Greet: "Niels speelde wel eens
saxofoon bij het koor tijdens een jeugddienst. Dan had hij soms een
speldje in zijn haar of meisjesachtige sieraden om. Ik voelde me daar
altijd erg ongemakkelijk bij. De mensen wisten van niks, die dachten vast:
welke moeder laat haar zoon er nu zo bijlopen! Nu wisten ze in ieder geval
dat het geen onzin is."
Van Niels naar Nicole
De kinderen reageren in de klas ook positief op de spreekbeurt van Niels.
Er worden veel vragen gesteld. Sommigen vermoedden al iets. Het wordt
geaccepteerd. Vrij snel daarna zoekt hij in een postordergids zijn eerste
eigen meisjeskleren uit. Nicole: "Het was een vestje en een kort truitje
bedrukt met bloemetjes." Hij laat ook zijn haar groeien en heeft een
meisjesnaam bedacht: Nicole. "Daar had ik het wel even moeilijk mee", zegt
Greet, "het voelde zo definitief aan."
Ik probeerde het wel eens uit: "Hé,
Nicolleke", zei ik dan voor de grap. En mijn man vergiste zich nog vaak.
Op een gegeven moment besloot ik dat de kogel door de kerk moest. In de
grote vakantie zouden we twee weken in een huisje van vrienden gaan
zitten. "Daar gaat ze echt Nicole heten!", zei ik."
Bewondering
Nicole krijgt nu medicijnen die de puberteit remmen. Hierdoor komt haar
lichaam dus niet in de puberteit. Er ontstaat geen baardgroei en haar stem
wordt ook niet laag. Dat zijn voordelen voor later, als Nicole definitief
besluit zich te laten opereren. Greet: "Bij het eerste tabletje dat ik
haar gaf, dacht ik nog: ‘Is het wel goed wat we doen?’ Maar we hebben er
zo lang over nagedacht. Op een gegeven moment moet je nu eenmaal kiezen.
Tot de operatie is het proces omkeerbaar, ze kan dus nog terug naar Niels,
als ze dat zou willen. Op dit moment is Nicole erg gelukkig in haar nieuwe
sociale rol, daar gaat het voor mij om."
Na deze woorden valt het even stil. Nicole kijkt naar haar moeder met een
mengeling van trots en liefde in haar blik. Ciska verbreekt de intieme
stilte: "Ik heb geen moment gedacht: ‘Doe het niet.’ Je steekt je hoofd
boven het maaiveld uit, dan wil je het ook echt, anders begin je er echt
niet aan. Ik heb veel bewondering voor Nicole. Ik heb zelf ook veel
geleerd van het hele proces waar zij doorheen is gegaan. Niet dat ik in
mezelf ook die strijd voel over man of vrouw zijn, maar ik heb weer andere
onzekerheden. Ik ben gaan beseffen dat ik ook gewoon mag worden wie ik
ben. En dat ik me daarbij niet zo heel veel hoef aan te trekken van de
mening van anderen."
Pesterijen
Pesten is een hardnekkig verschijnsel in Nicole’s leven. Meestal zijn het
kinderen uit andere klassen die niet weten hoe het precies in elkaar
steekt. ‘Travestiet’, roepen ze haar na. Nog voor ze naar de middelbare
school ging, deed het verhaal de ronde; ‘Er komt een travestiet op
school!’ Greet heeft de ouders ingelicht met een brief, maar soms zijn er
incidenten. "Laatst in de pauze kwamen er twee meisjes naast me zitten
vertelt Nicole. "Dat meisje naast me is een jongetje", zei de ene tegen de
andere, zodat ik het goed kon horen. Ik ben naar de conrector gestapt en
dat meisje is ter verantwoording geroepen"
Meestal haalt ze haar schouders op over de pesterijen. Ze heeft een paar
goede vriendinnen, met wie ze alles deelt. "Ze zien me gewoon als een
meisje, daar denken ze niet eens bij na."
Verkeerd huidje
Op
de deur van Nicole’s kamer prijkt een mozaïekwerk met haar naam. Het is
zelfgemaakt. "Ik heb er ook ergens één waar Niels op staat", zegt ze. Ze
laat hem zien en legt hem dan terug: verleden tijd. Haar kamer is
volgestouwd met knuffels en vooral Barbies. Wel dertig heeft ze er, denkt
ze. Een zwarte Barbie, een ballerina, zelfs een zwangere Barbie. "Kijk,
als je het kindje er uithaalt en de buik omklapt, is ze weer plat." Nicole
ziet er uit als een meisje, maar lichamelijk is ze nog wel een jongetje.
"Ik vind het heel vervelend dat ik een piemeltje heb", zegt ze. "Ik zit
nog in een verkeerd huidje." Als ze zestien is, mag ze met de hormoonkuur
beginnen, daarmee komen haar borsten tot ontwikkeling. Als ze achttien is
wordt ze geopereerd en krijgt ze een vagina. Dat duurt nog vijf jaar. "Ik
vind het wel een eng idee, er wordt toch in me gesneden. Aan de andere
kant kan het me niet snel genoeg gaan. Soms word ik er wanhopig van, het
duurt nog zo lang! Ik moet alles uitstellen. Ik ben een keer verliefd
geweest. Maar die jongen kwam er achter en wilde niets meer van me weten.
Ik kan me wel voorstellen dat jongens het idee afstotend vinden. Maar het
doet wel pijn. Dan ga ik maar bij mijn vriendinnen uithuilen."
Op en top vrouw
Ineens opgewekt zegt Nicole: "Ik heb wel al een beha." Ze laat een witte
beha zien met een randje kant langs de cups. "Eerst deden we er
schoudervullingen in, maar sinds kort heb ik siliconenvullingen die erin
passen. We hebben in de cups speciaal twee uitsparingen laten maken. Het
lijkt nu veel echter", zegt ze trots. Nicole heeft een droom: "Dat ik op
en top vrouw ben met een gezinnetje. Zelf kan ik natuurlijk geen kinderen
krijgen, ik wil ze adopteren. Ik wil ook een beroemd actrice worden." Wat
ze gaat doen als ze achttien is? Groot feest vieren en… verliefd worden!
Berdache is een zelfhulpgroep voor ouders en familie van genderdysfore
kinderen. Met vragen kun je terecht bij de hulplijn: 030-2717035 of mail
naar: kinderen@wgtrans.nl
Wat is
genderdysforie ?
Mannen die zich laten veranderen tot een vrouw, vrouwen die een
man worden. Dit verschijnsel heet transseksualteit. Transseksuelen
hebben het gevoel dat ze in een "verkeerd" lichaam zitten. Minder
bekend is dat dit zich al op jonge leeftijd kan voordoen, een
stoornis die genderdysforie genoemd wordt of een
genderidentiteitsstoornis. Professor dr. Peggy Cohen-Kettenis is
klinisch psychologe en psychotherapeute bij het Medisch Centrum
van de Vrije Universiteit van Amsterdam. Zij behandelt kinderen
met een genderprobleem. Op haar spreekuur komen al kinderen onder
de tien jaar. Cohen: "Op die leeftijd is er nog niet veel van de
uiteindelijke uitkomst te zeggen. Het kan nog alle kanten op." Het
gebeurt wel vaker dat kinderen tot vijf jaar een keertje
experimenteren met gedrag van de andere sekse. Na verloop van tijd
gaat dat meestal vanzelf over. Maar als het erg jong begint, op
kleuterleeftijd, en jaren aanhoudt gaat het vaak niet zomaar over.
"Als het kind ouder wordt, kunnen de problemen beginnen. Ik kijk
met ouders en kind aan de hand van psychologisch onderzoek naar de
manier waarop ze het beste met de situatie om kunnen gaan. Ik kijk
ook of er soms andere problemen spelen. Je probeert eerst alle
factoren weg te nemen die een gezonde ontwikkeling van het kind in
de weg kunnen staan. Vertoont het kind na een paar jaar nog steeds
afwijkend gedrag, dan doen we daar uitgebreid psychologisch
onderzoek. Daaruit blijkt opnieuw in welke mate het kind een
Van alle kinderen met een genderprobleem die bij Cohen komen,
ondergaat ongeveer vijftien procent een operatie tot het andere
geslacht. De meesten daarvan zijn jongetjes die een meisje willen
zijn. Slechts één op de drie is een meisje dat jongetje wil zijn.
Cohen: "In onze samenleving worden jongensachtige meisjes eerder
geaccepteerd dan meisjesachtige jongens. Bij meisjes komen de
problemen vaak later, in de puberteit."
Het team van Cohen begeleidt de kinderen die het traject van
geslachtsverandering ingaan tot aan de operatie. Pas op
zestienjarige leeftijd kan iemand met de hormoonbehandeling
beginnen. Wel kan iemand eerder puberteitvertragende middelen
nemen waardoor het lichaam zich langzamer tot volwassenheid
ontwikkelt.
Het is nog niet precies bekend hoe het komt dat het gevoel van
deze kinderen over hun sekse niet overeenstemt met de kenmerken
van hun lichaam. Cohen: "Waarschijnlijk is het een ingewikkeld
samenspel van aanleg, blootstelling aan hormonene voor de geboorte
en omgevingsfactoren. Deze kinderen komen vaak al op heel jonge
leeftijd op "het spoor" van de andere sekse terecht."
In Nederland wordt een geslachtsveranderende operatie door het
ziekenfonds vergoed. Kinderen met een genderprobleem werden eerst
in het UMC (Universitair Medisch Centrum) Utrecht behandeld, nu in
het VUMC (Amsterdam). |
Bron:
Vriendin, 2002-48
Terug naar index
|
|